Kinderen zijn geen bezit – De ideale islamitische ouder

Een kind krijgt zelfvertrouwen dankzij het feit dat hij in staat is om op zichzelf te kunnen rekenen. Dat lukt bij een kind alleen als we onze waardering als ouders dat aan het kind laten zien. Waardering voor zijn prestatie vermogens en succes o.a.

Dit kan allemaal als we het kind een eigen verantwoordelijkheid geven. De volgende tips die ik mee wil geven, kunnen ouders met God’s wil een beeld geven over hoe ze met hun kinderen dienen om te gaan. Deze tips heb ik om precies te zijn in 2005 geschreven toen ik destijds veel bezig was met het behandelen van jongeren die de criminaliteit zijn ingegaan. Na veel intensieve gesprekken, behandelingen en onderzoek naar het gedrag van deze jongeren, viel het me op dat hun misdragingen op de eerste plaats niet aan henzelf te wijten valt, maar eerder aan het milieu waarin ze zijn opgevoed. Het begint bij de ouders die de sleutel zijn naar het succes van hun kind.

– Laat je kind weten dat je van hem houdt. Zeg dat regelmatig, spontaan en impulsief tegen hem. Dus niet alleen in momenten als hij goed heeft gepresteerd. Kus hem regelmatig. Geef hem knuffels en neem hem op je schoot. Zichtbare liefde geven aan je kind, helpt hem zichzelf lief te hebben zonder narcistisch te worden, maar belangrijker: het zal hem later als puber helpen niet naar aandacht en liefde te smeken bij anderen. Want doet hij dat wel, dan maakt dat hem kwetsbaar zoals dat het geval is bij meisjes die makkelijk slachtoffers worden van loverboys of slachtoffer van jongens die enkel seks op het oog hebben.

Op een dag zag een man de profeet vrede zij met hem, kinderen aan het kussen. De man zei tegen hem; ‘ik heb tien kinderen en ik heb ze nog nooit gekust.’. De profeet reageerde daarop met: ‘heeft God alle barmhartigheid uit je hart ontnomen?’. Ook zei hij in een andere overlevering: ‘wanneer God mensen met kinderen zegent die hun kinderen liefde geven en ze komen hun ouderlijke plichten na, God zal hen hoeden van het hellevuur’.

– Een kind hoort zich ten allen tijde veilig en beschermd te voelen. Het is een kwetsbaar wezentje dat niet in staat is om voor zichzelf te zorgen. Hij weet (onbewust) dat hij afhankelijk van je (als ouder) is. Door zich veilig en beschermd te voelen, heeft hij minder kans om angsten te creëren en dus onzeker te worden. Wie zich als kind vaak angstig voelde, zal dat hem later achtervolgen. Angst zal voor problemen zorgen in zowel zijn carrière als in relaties enz. Om het kind een veilig en beschermd gevoel te geven horen we liefdevol, respectvol met hem te communiceren en te benaderen op dezelfde manier zoals wij zelf door anderen benaderd willen worden. Als het kind er niet in slaagt om iets te bereiken, dan moet je hem niet verwijten door schuldgevoelens bij hem aan te wakkeren, maar eerder corrigeren zonder hem het gevoel te geven dat het zijn schuld is.

Wat je ook niet moet doen is bij hem de indruk dat het aan zijn persoonlijkheid ligt. Het is het gedrag dat verkeerd is en niet het kind zelf. Een kind leert dat hij een mens is die net als ieder andere mens fouten kan en mag maken. Het heeft niets te maken met zijn eigen falen. Op deze manier verklein je de kans dat hij een negatief zelfbeeld ontwikkelt.

– Laat je kind altijd weten dat je hem vertrouwt en dat je in hem gelooft, wat hij ook doet of meemaakt. Al zie je een paar dingen die hij doet fout gaan, laat hem die fout maken zodat hij zelf ervan leert. Want van vallen leer je opstaan en dat geldt ook voor hem. Als die fout is gemaakt, leer hem daarna hoe het beter kan. Leg hem dat uit.

– Beledig je kind nooit en vooral niet in het bijzijn van anderen. Hoe vaak wel niet heb ik zelf een ouder gezien die zijn kind hard aanpakt in het bijzijn van andere familieleden of gasten om daarmee de indruk te wekken dat hij een ‘goede’ opvoeder is? Juist in het bijzijn van anderen laat je zien hoe trots je bent op je kind en dat je van hem houdt.

– Vergelijk je kind niet met andere kinderen: Hoe succesvol ook een ander kind is van een ander familielid, moet je op geen enkele manier je eigen kind gaan vergelijken met de ander. Wat je al helemaal niet moet doen is dat tegen je kind gaan vertellen. Zeker ook niet in het bijzijn van andere kinderen of familieleden et cetera. Daarmee creëer je namelijk bij hem het gevoel dat hij een zwakke persoonlijkheid heeft, dat hij niet deugt en niks kan. Je kweekt daarmee ook een beschamend en vernederend gevoel bij hem. Je verlaagt zijn zelfwaarde wat zeer vernederend voor hem is.

– Waar je ook voor moet oppassen is discrimineren tussen je kinderen. Soms neigt een ouder meer voorkeur te geven aan een van de twee. Zo heb je van die moeders die meer voorkeur geven aan jongens dan aan de meisjes. Deels heeft dat te maken met zelfhaat. Vrouwen worden opgevoed met het idee dat meisjes/ vrouwen slecht zijn. Als een moeder zo is opgevoed en zelf ontnomen was van scholing en ontwikkeling, dan zal ze neigen hetzelfde te willen doen bij haar eigen dochters. Ik heb gevallen meegemaakt waarin het meisje moest baden in hetzelfde water waar eerst haar broertje in heeft gebaden. Als een moeder haar dochter het gevoel geeft dat ze altijd vies is, dan verhoogt ze daarmee de kans dat het meisje later aan smetvrees zal lijden.

– Als je iets koopt, zoals kleren voor jezelf bijvoorbeeld, neem je kind weleens mee en vraag zijn mening hierin. Een kind waardeert het als er naar zijn mening wordt gevraagd. Daarmee geef je hem het gevoel dat hij ook inbreng en een eigen stem heeft. Dat is goed voor zijn gevoel van eigenwaarde en eigen erkenning.

– Geef je kind autonomie door zijn kamer en al zijn spullen die hij erin heeft te respecteren. Zijn kamer is zijn autonomie, waar hij verantwoordelijk voor is. Dingen die van hem zijn, hetzij zijn doos met speelgoed of zijn kastje, daar mogen anderen niet aankomen zonder zijn toestemming. Als ouder zet het idee uit je hoofd dat je kind jouw bezit is. Je dient er vanuit te gaan dat hij een compleet zelfstandig wezen is. Op deze manier leert het kind dat hij voor zijn eigen spullen moet zorgen en een eigen verantwoordelijkheid heeft.

– Als je kind iets tegen je wil zeggen, neem hem dan net zo serieus zoals je zelf serieus genomen wilt worden. Ga er vanuit dat zijn mening telt en luister aandachtig naar wat hij te vertellen heeft hoe kinderachtig dat ook voor jou klinkt. Als je het niet met hem eens bent, leg hem dan duidelijk uit waarom je het niet mee eens bent. Maar ga hem niet onderuit halen en geef hem ook niet het gevoel dat hij onzin uitkraamt. Met andere woorden: beledig je kind op geen enkele wijze. Woorden van de volgende strekking dien je te vermijden: ‘wat weet jij nou daarvan kleintje!’ ‘Hier ben jij nog te klein voor!’, ‘ik ben ouder dan jij!’ et cetera.

– Hoe zeker je ook bent van je zaak dat iets goed is voor je kind, ga het niet (dwangmatig) opleggen. Vertel altijd waarom je wilt dat hij iets ‘moet’ doen, wat de gevolgen ervan kunnen zijn. Vraag ook naar zijn mening en waar hij bang voor is et cetera. Kortom: communiceer met je kind alvorens je hem iets gaat opleggen. Wat vooral veel ouders neigen te doen is dat ze hun kinderen manieren op een dwangmatige manier willen meegeven. In islamitische kringen dwingen ze een kind al op een zeer vroege leeftijd etiketten zoals het zeggen van ‘bismillah’ (in de naam van God) tijdens het eten of dwangmatig ‘dankjewel’ zeggen als ze iets krijgen. Met dwang ‘al-hamdulillah’ (lof zij God) na het eten zeggen et cetera. Op de eerste instantie lijkt dit onschuldig en de juiste manier van opvoeden, maar de werkelijkheid is dat een kind die gedwongen wordt om iets te doen doet dat niet uit liefde of uit overtuiging, maar hij doet het uit angst om straf te ontlopen en vooral om zijn ouders tevreden te houden. Dit heeft uiteindelijk niets te maken met het leren van je kind om uit liefde het geloof toe te passen. Hij zal je tijdelijk volgen en doen wat je van hem verzoekt omdat hij geen keuze heeft, maar als je als ouder niet genoeg consequent bent, dan zal je kind later als puber niet meer het geloof volgen vanuit een overtuiging. Dit is ook de reden waarom een grote groep pubers van islamitische afkomst hun geloofsetiket niet serieus nemen en zelden nakomen. Wil je dat je kind liefde voelt voor het geloof, dan moet je zelf het goede voorbeeld geven. Hoe jij je gedraagt en handelt, bepaalt voor een groot gedeelte hoe je kind zich gedraagt en handelt. Als je zelf bismillah zegt tijdens het eten, dan wil je kind je op een gegeven moment nadoen. Dat is hetzelfde als wanneer een kind zijn ouders ziet bidden, dan wil hij hen ook nadoen. Hij pakt het gebedskleed en doet zijn moeder na. En uiteraard als je hem dat op een liefdevolle manier leert al is het doormiddels van een verhaaltje of uit een boek is een goede manier, maar dwingen is zelden goed en helpt niet bij een correcte islamitische opvoeding.

– Laat je kind de eerste vijf jaren lekker egoïstisch zijn en leg hem geen normen en waarden op waar hij nog te klein voor is. Ouders neigen nogal hun kind al vanaf hun tweede jaar te verplichten om hun speelgoed of snoep te delen met een ander kind. Dit is een grote fout. Wat veel ouders niet beseffen is dat ze niet van hun kind een volwassene kunnen maken. Een kind groeit en ontwikkelt met de dag en vanaf zijn vijfde jaar pas, zal hij vanzelf wel leren om iets te delen met anderen. Dat is namelijk een natuurlijk instinct net als zijn egoïsme die in feite ook natuurlijk is. Veel ouders gaan er vanuit dat egoïsme altijd slecht is en dus willen ze dat afleren op een te vroege leeftijd. Ze vergeten dat egoïsme bij een kind in feite een manier is om te leren je eigen bezit te behouden en om er voor op te komen en te beschermen. Als we die natuurlijke egoïsme als kind niet hadden gekregen, dan waren we allemaal opgegroeid als wezens met gaten in de hand (te veel uitgeven bijvoorbeeld) en hadden we moeite met het behouden en beschermen van eigen bezit. In andere gevallen zal het kind het tegenovergestelde effect bereiken, namelijk te egoïstisch worden. Als een kind vanaf een te jonge leeftijd gedwongen wordt om te delen tegen zijn zin, dan zal je bij hem het tegenovergestelde effect bereiken. Hij zal dan waarschijnlijk wel delen, maar dan puur om sociaal te willen overkomen en niet zo zeer delen uit liefde en al helemaal niet vanuit een altruïstische uitgangspunt. Dat zijn namelijk twee verschillende dingen. Want toen hij een kind was, heeft hij leren delen onder dwang en niet vanuit liefde/altruïsme. Hij deed het uit angst om jou als ouder te behagen. Daarom is het erg cruciaal dat je je kind in de eerste jaren de ruimte geeft om het gevoel te hebben dat hij spullen heeft die van hem zijn. Als dat gevoel bij hem vervolmaakt is, dan kan hij daarna wanneer zijn hersenen beter kunnen relativeren, vanuit zichzelf zonder angst, zijn spullen zonder zorgen te delen.

– Geef je kind een taak in huis zodat hij zich verantwoordelijk voelt. Dat wekt bij hem het gevoel ook dat je op hem kunt rekenen. Zoals het opruimen van zijn kamer. Als je kind zich aanbiedt om te stofzuigen (valt me op dat er veel kinderen zijn die dat leuk vinden om te doen), geef hem dan die ruimte en zeg niet: ‘nee, je bent te langzaam’ of: ‘ik heb geen tijd hiervoor!’

– Moedig je kind aan als hij iets wilt doen waarvan je weet dat het veilig en goed voor hem is. Maar zelfs als het niet goed is (maar wel veilig uiteraard) laat hem dat maar zelf ervaren zodat hij er achter komt dat wat hij deed achteraf bleek niet goed te zijn. Stel je vertrouwen dus in hem.

– Betrek hem vaker bij iets en waardeer altijd zijn betrokkenheid. Vraag hem hoe het met hem op school ging en wat hij gedaan heeft. Neem zijn klachten serieus en doe er wat mee. Bagatelliseer op geen enkel wijze zijn mening en waar hij over klaagt.

– Respecteer de keuzes van je kind. Stuur hem niet aan op een manier die jouw behoeften vervuld, maar let vooral op zijn behoeften. Let op wat hij nodig heeft en niet wat jij van hem nodig hebt. Je bepaalt niet wie hij wordt en hoe hij moet denken, maar geef hem wel sturing en richtlijnen om zelf te ontplooien en te groeien.

– Klaag niet bij je kind als je ergens mee zit. Maak de fout niet door te klagen over je partner om sympathie te krijgen van hem. Het laatste wat een kind nodig heeft is zijn ouder zien met problemen. Kinderen zijn namelijk zowel geestelijk als fysiek afhankelijk van je. In hun onderbewustzijn koppelen ze hun afhankelijkheid aan jouw bestaan en jouw geluk. Zodra je kind merkt dat jij niet gelukkig bent of dat je problemen hebt, dan gaat hij zich niet veilig voelen. Want de sleutel van zijn veiligheid dat ben jij. Het laatste wat een kind nodig heeft is een depressieve ouder. In dit geval ga je bij je kind zelf gedragen als een kind waardoor je zijn ‘kind-zijn’ van hem ontneemt. Wat er dan gebeurd is dat een kind uit angst om zijn ouder niet kwijt te raken het gevoel krijgt dat hij voor zijn ouder moet zorgen. De rollen worden omgekeerd. Hij zal zich verantwoordelijk voelen voor je en wilt hij dan voor je zorgen. Veel ouders zien hier geen gevaar in en denken ze dat hun kind het goed doet, maar dat is alles behalve gezond voor het kind zelf. Bij de meeste ouders is de term ‘parentificatie’ niet bekend. Dit is hetzelfde als wat ik hier boven heb beschreven. Het kind neemt de rol van de ouder over en gaat zich niet meer gedragen als kind, maar eerder als een ouder. Vooral het oudste kind doet dat en voelt zich verantwoordelijk in huis. Dit gedrag heeft uitgewezen dat het later wanneer een een kind volwassen wordt, niet meer durft verantwoordelijkheid weg te geven aan anderen. Hij krijgt een sterke drang om alles onder controle te houden. Hij wordt in alles perfectionistisch en kan weleens in paniek raken als de dingen niet gaan zoals het hoort. Ook behandelt hij anderen als mensen die niets kunnen doen zonder hem et cetera waardoor hij te veel hooi ook op zijn vork neemt. Een ander gevolg is dat iemand hierdoor een burn-out kan oplopen.

– Kinderen voelen zich snel alleen en in de steek gelaten. Ze hebben namelijk geen volgroeide hersenen en kunnen ook niet goed relativeren of evenwichtig denken zoals een volwassene. Zij denken in het klein. Zij denken in termen van absolutisme, zoals: nooit, altijd, niemand, alles, allemaal, en iedereen… Ze kennen geen grijs gebied en daarom denken ze in het zwart/ wit. Zij overdrijven ook in hun denkbeelden. ‘Papa is de sterkste man ter wereld en mama de mooiste en liefste vrouw van de hele wereld’ et cetera. Dit maakt hen kwetsbaar en gevoelig. Daarom dien je als ouder voorzichtigheid te trachten met je kind. Maak hem niets wijs wat niet nodig is. Maak ook geen grapjes die hem bang maken. Voor jou is het vermaak, maar voor de wereld waarin je kind leeft, kan je grapje onnodige angst bij hem opwekken. Sta niet versteld van het feit dat een kind snel huilt wanneer hij ergens achtergelaten wordt. Een heleboel mensen kunnen nog heel goed herinneren die ene eerste keer toen ze door hun moeder achtergelaten werden bij een kinderdagverblijf. Dat konden ze nog goed herinneren omdat het destijds een grote impact had op hun gevoel. Kinderen huilen al wanneer hun ouders hen bij opa en oma achterlaten en zij op vakantie gaan.

– Hoe vaak heb je weleens je kind bedankt? Leer jezelf  je kind regelmatig te bedanken als hij iets heeft gedaan. Daarmee leer je hem zelfrespect te hebben, maar ook waardering voor het werk van een ander. Waardeer je kind, want daarmee verhoog je zijn eigenwaarde en het is goed voor zijn zelfbeeld. Je kind bedanken en waarderen, geeft hem ook zelfvertrouwen, want je waardering en dank laat hem concluderen dat hij goed heeft gepresteerd waardoor zijn zelfvertrouwen toeneemt.

– Respecteer de lichamelijke integriteit van je kind. Dit houdt in dat je kind een volwaardige mens is met alles er op en er aan. Jij wilt zelf niet dat iemand aan je lichaam zit en zo maar zonder jouw toestemming aanraakt. Dit geldt precies ook voor je kind. Dat houdt in dat bij momenten van boosheid behandel hem niet als een pop. Trek niet aan zijn arm op een hardhandige, agressieve en respectloze manier. Ook niet hardhandig duwen of aan zijn lichaam zitten tegen zijn zin. Of dat je aan zijn oren trekt of wat dan ook. Elk vorm van fysiek geweld is vernederend voor een kind en is verlagend voor zijn zelfbeeld. Het is een aanslag op zijn emotionele en uiteraard zijn fysieke gesteldheid. Een andere grote nadeel is dat je hem daarmee leert dan hardhandig en agressief gedrag een manier is om je doel te bereiken. Ook als je tegen hem schreeuwt of hem dreigt, leer je hem daarmee dat schreeuwen en dreigen vormen zijn om je doelen te bereiken.

– Er zijn nog een heleboel tips wat ik wil schrijven, maar nog twee belangrijke en wellicht de belangrijkste van alle tips, wil ik nog hier benadrukken, namelijk het bieden van excuses aan je kind: als je een ouder bent die dit leest: vraag dan jezelf eens af hoe vaak heb je weleens excuses aangeboden aan je kind? Een ouder is op de eerste plaats een mens met al zijn imperfecties en tekortkomingen. Een ouder is niet heilig en staat ook niet boven ieder andere mens. Zijn kind is hem door God toevertrouwt om goed voor hem te zorgen. Hij geeft hem mee wat hij nodig heeft totdat hij volwassen en zelfstandig wordt. Maar dezelfde ouder kan weleens fouten maken tijdens de opvoeding. Het komt weleens voor dat je als ouder niet goed voelt door wat er bijvoorbeeld op het werk is gebeurd of door ruzie met je partner. Je gaat op een gegeven moment je eigen ongenoegen en frustraties op je kind afreageren. Behalve het feit dat dit fout is, zeg ik er bij dat ik het me kan voorstellen dat jou zoiets weleens overkomt. Desondanks zeg ik erbij dat het niet erg is dat het gebeurd. Je bent immers maar een mens, maar ik zeg nadrukkelijk bij dat je het ook goed kan maken door excuses aan je kind te bieden. Durf tegen hem sorry te zeggen, sorry dat je tegen hem had geschreeuwd en dat je dat niet had moeten doen. Hiermee vermijd je namelijk dat hij zich niet schuldig moet gaan voelen voor de dingen die hij zelf niet gedaan heeft. Een kind neigt nogal zichzelf de schuld te geven voor alle problemen die zich thuis voordoen al heeft hij daar zelf niets mee te maken. De reden waarom een kind dat doet wil ik met God’s wil in een ander artikel behandelen. Wel wil ik vermelden dat het gevolg van onterechte schuldgevoelens is dat het kind perfectionistisch wordt.

De andere laatste en zeker niet onbelangrijke tip is dat je regelmatig de gevoelens van je kind serieus neemt en hem de ruimte geeft om ze te uiten. Daar moet jij als ouder initiatief voor nemen. Vraag regelmatig je kind hoe hij zich voelt, wat iets met hem deed et cetera. Bagatelliseer nooit zijn gevoelens. Luister naar wat hij te vertellen heeft als hij zich gekwetst voelt. Als een kind de kans niet krijgt om zijn gevoelens te uiten dan zal hij leren niet naar zichzelf te luisteren. Kinderen in zo’n geval leren dat het enige wat telt is, is wat anderen van hen denken en niet wat ze zelf écht willen. Dit leidt tot het gedrag waarin een kind alleen doet wat anderen van hem verwachten. Als volwassene neemt hij te veel hooi op zijn vork. Afhankelijk hoe het kind werd behandeld, kan een kind ook gevoelens van psychopathie ontwikkelen. Ik heb het in dit geval over kinderen die niet alleen hun gevoelens niet mochten uiten, maar die ook mishandeld werden, hardhandig en agressie mee hebben gemaakt. Psychopathie is een persoonlijkheidsstoornis waarin iemand geen empathie kan tonen. Wanneer een kind zijn gevoelens volledig verdringt, leert hij ook niet wat pijn is. Als je niet weet wat pijn is dan kan je andermans pijn ook niet aanvoelen en dus zal het bij je ontbreken aan inlevingsvermogen. Wanneer dus agressie en mishandeling of seksueel misbruik et cetera komen kijken naast het verdringing van gevoelens, dan ligt psychopathie op de loer. Het begint al bij het feit als je een kind ziet genieten van het doden van insecten en beestjes. Laat het dus niet zover komen en geef dus je kind alle ruimte om zijn gevoelens te uiten, neem die gevoelens serieus en laat hem ook weten dat je hem serieus neemt.

Als ouder begin bij jezelf

Al deze bovengenoemde tips zijn voornamelijk gericht op ouders. Je kind kan niet een goede opvoeding krijgen als je als ouder zelf in de knoop zit. Wat je vooral moet onthouden is dat je een rolmodel bent voor je kind. Hoe jij je gedraagt, hoe je reageert, hoe je handelt, je uitstraling, je woordkeus, je psychische en geestelijk gesteldheid et cetera, vallen allemaal daar onder. Je kind heeft het vermogen om snel te kunnen leren. Maar hij is ook alerter dan je denkt. Hij let op de kleinste dingen wat je doet. Jij als ouder hebt meer invloed op hem dan je denkt. Daarom heeft alles wat jij doet invloed op zijn ontwikkeling en gedrag. Een kind neemt een hoop dingen van je over zonder dat hij daar zelf voor gekozen heeft. Daarom moet je niet versteld staan van het feit dat wanneer je regelmatig tegen je kind schreeuwt dat hij dan later als volwassene ook tegen mensen gaat schreeuwen, tegen zijn vrouw of tegen zijn kinderen. Kortom: behandel je je kind slecht dan leer je hem ook slecht te gedragen. Het is daarom van belang om te beseffen dat je de oorzaak van de problemen van je kind niet in het kind zelf moet zoeken, maar eerder bij jezelf. Veel ouders denken onterecht dat hun kind een probleem heeft terwijl het meestal voor een groot deel aan henzelf te wijten is, maar helaas heerst bij veel mensen een groot taboe hier over. Ouders verdenken van een foute opvoeding is meestal taboe. In moslimkringen al helemaal wanneer er onterecht misbruik wordt gemaakt van de islam door ouders in een heilige positie te plaatsen en tegelijkertijd de kinderen verwijten voor al hun misdragingen. Er wordt te veel accent gelegd op het feit dat je je ouders goed moet behandelen, dan hoe je als ouder je kind moet behandelen. Moslims leggen nadruk op kinderen dat ze hun ouders niet slecht moeten behandelen terwijl die kinderen zelf getraumatiseerd werden door het gedrag van hun ouders. Ouders die tegen hun kinderen schreeuwen, discrimineren, die hen mishandelen, die hen uitschelden en hen roepen met de ergste namen moeten niet versteld staan van het feit dat ze thuis toekomstige criminelen aan het kweken zijn. Hoe vaak wel niet is het voorgekomen dat een ouder zijn kind scheld namens het geloof zoals: ‘moge Allah je kanker geven, moge Allah je musiba (ellende) bezorgen’. Ouders die de controle over hun emoties volledig kwijt raken en al hun gal op het kind spuwen.

“In Marokkaanse kringen is het haast normaal dat een ouder zijn kind ‘ellendeling’ (al-musiba) noemt of ‘bastaardjongen’ (wald lehram). Of vaak dreigtaal, chantage en manipulaties en om het nog maar niet te hebben over mishandeling. Het ergste van alles is dat in de Marokkaanse cultuur dekt men graag elkaar hierin en verbergt men dit gedrag of ze verdedigen het onderling. Soms wordt er zelfs gezegd dat ze het jammer vinden dat ze niet alle vrijheid hebben om te kunnen slaan omdat ze bang zijn dat de ‘overheid’ er mee gaat bemoeien. Men is overtuigd dat angst inboezemen in het kind de juiste vorm is van opvoeden. Daarom dienen de nieuwe generatie moslims hun koers te wijzigen en hun gedachten te veranderen, zoals hun kijk naar de kinderen en hoe ze er mee omgaan.”

Hopelijk heb ik met het bovenstaande een tip van de sluier mee kunnen geven waar met God’s wil veel ouders baat bij zullen hebben.

Badr Youyou

Advertenties