Sharia en de mentaliteit van de moslims

Een Somaliër die na het stenigen uit de grond wordt gehaald door extremisten van Al-Shabaab groepering

Een van de grote misverstanden die er gecreëerd worden over de sharia is dat het eerste waar de meeste mensen aan denken: het islamitische strafsysteem. Dit geldt voor zowel moslims als niet-moslims. Het beeld over de sharia is volledig verkleurd door het gedrag van een aantal groeperingen zoals Saoedi-Arabië, de Taliban, Iran en allerlei andere landen die het strafsysteem als eerste wat ze invoeren wanneer de sharia aangekondigd wordt. Wanneer het ontbreekt aan verdieping en een objectieve studie over de sharia, dan krijg je dit soort taferelen. Moslims die dan enkel aan het strafsysteem denken als ze het woord ‘sharia’ voorbij zien komen.

Het strafsysteem of de zogeheten al-hodoud los van de taalkundige betekenis, heeft het als religieuze betekenis dat je een straf oplegt op de misdaad die er gepleegd is. Enkele manieren van straffen zijn beschreven in de Koran en anderen in de hadieth (tradities van de profeet Mohammed vrede zij met hem). De term al-had betekent op zich niet welke manier waar je mee straft, maar dat er wel een straf opgelegd moet worden. Het kan namelijk niet zo zijn dat het plegen van een misdaad men dat zo maar laat gebeuren zonder gevolgen. Het is dus verplicht om te straffen (mits dat bewezen is uiteraard), maar welke straf je oplegt is afhankelijk van de algemeen afgesproken straffen die in het strafsysteem zijn opgenomen. In dat geval hangt de straf zeer af van wat er is afgesproken door de juristen.

Als bijvoorbeeld bij moord (met voorbedachte rade en in een toerekeningsvatbare toestand is gepleegd) de doodstraf wordt opgelegd en er werd vermeld door de profeet vzmh dat bijvoorbeeld het hoofd afgehakt zou moeten worden, betekent dit nog niet dat je per se voor altijd het hoofd moet afhakken. Ook is er nog altijd de mogelijkheid om iemand levenslang vast te laten zitten indien men niet de doodstraf wilt uitvoeren. Dit geldt ook bij diefstal. De dief moet gestraft worden, maar de juristen kunnen altijd een alternatieve straf invoeren in plaats van het afhakken van een of twee handen. Velen denken dat het verplicht is om handen af te hakken en dat is niet waar. De leider is in staat om zelfs gratie te geven indien de omstandigheden daar voor er naar toe hebben geleidt. Wat een straf ook sterk bepaalt is de mentaliteit, de omstandigheden en de tijd (‘urf, zaman wa al-darf) waarin men leeft. Vroeger strafte men met steniging of zelfs met kruisiging. Vanwege de verandering van de tijd en vanwege het feit dat men ontwikkelingen meemaakt die hem meer beschaving bij hebben gebracht, is het mogelijk de straf aan te passen aan de hand van de mentaliteit van die beschaving waarin men zich bevindt. Dit geldt niet alleen voor het strafsysteem, maar geldt ook voor andere zaken zoals huwen met een kind of slavernij.

Een Afghaanse man die met een minderjarig meisje in het huwelijk is getreden

Een voorbeeld: de islam heeft geen uitspraak gedaan of verbod opgelegd op het huwen met een minderjarige al is die onder de tien jaar oud. Aangezien de profeet vzmh zelf getrouwd is geweest met de moeder der gelovigen Aisha die destijds zes jaar was en bij hem op haar negende ging wonen, heeft de islam daardoor niet gezegd dat het haram (verboden) is om te trouwen met een kind. Maar wat wel feitelijk is, is dat indien de tijden veranderd zijn en mensen bepaalde ontwikkelingen meegemaakt hebben zoals we die nu hebben, is het mogelijk om een wet te maken die het huwen met een kind verbiedt en dat de wet ook een minimale leeftijd stelt voor het huwen met een persoon. Voor een beschaafd persoon uit deze tijd is het idee om te huwen met een meisje van 10 jaar oud een ‘ziekelijk’ en ‘walgelijk’ idee dat simpelweg onder pedofilie valt. Dit betekent niet dat de mensen van vroeger of neem simpelweg de profeet zelf vzmh ziekelijk of walgelijk bezig was toen hij Aisha huwde op haar zesjarige leeftijd.

Tot enkele tientallen jaren terug was het overal wereldwijd normaal om een klein meisje te huwen. Ook in Europa was dat geen uitzondering. Dit geldt ook voor kinderarbeid. De islam heeft daar geen uitspraken over gedaan, maar je kan wel een wet maken die kinderarbeid verbiedt. Het is in sommige landen tot op heden nog doodnormaal dat kinderen onder de tien jaar werken, maar ook om ze als soldaten in te zetten. Dat de islam hier niets over heeft gezegd betekent niet dat je geen wetten mag maken om deze praktijken te verbieden. Daarom komen we in dit geval terug op de term ‘mentaliteit’.

Een mentaliteit is een ‘wijze van denken’ die zeer afhankelijk is van tijd, gewoontes, gebruiken en culturele omstandigheden van een land waarin iemand woont. Al deze dingen bij elkaar vormen wat men noemt een ‘beschaving’. Beschavingen verschillen enorm van elkaar. Nog geen enkele tientallen jaren terug in de tijd, was slavernij nog een doodnormale zaak. Denk aan het racisme in de VS bijvoorbeeld. De islam zelf heeft slavernij niet verboden verklaard omdat het destijds een onlosmakelijk iets was voor de economieën. Wat wel de islam heeft gedaan is het aanmoedigen van het vrijkopen van slaven door middel van de beloningen die een moslim van God ontvangt, maar dat terzijde.  Heden ten dage is het idee dat je een slaaf hebt een walgelijk idee. Het idee dat je een mens tot je slaaf maakt, die leeft om jou te dienen, dat hij jouw bezit is, en waar je mee mag doen wat je wilt is afstotend. Het is een mensonterend idee waar elk persoon met een geweten volledig zou afwijzen. Maar wat een feit is, is dat het vroeger wel normaal was omdat de mentaliteit van vroeger ook anders was dan die van het heden. Daarom is het mogelijk om binnen het sharia-systeem een wet aan te nemen die slavernij verbiedt al was dat in het verleden niet het geval geweest. Want de mentaliteit van het heden is totaal anders dan die van vroeger en het is niet meer gebruikelijk dat je slaven nahoudt.

Even het volgende tussendoor: vrijwel de meeste moslims denken dat het woord ‘haram’ direct ‘verboden’ betekent of andersom. Dit is niet altijd waar. ‘Verboden’ is slechts één beperkt onderdeel van de term ‘haram’. Als ik mezelf iets wil verbieden betekent niet dat ik datgene ‘haram’ heb verklaard namelijk. Ook niet alles wat haram is wil betekenen dat je het in een wetboek van een staat moet opnemen als een ‘verbod’. Veel harame zaken zijn haram voor een individu maar het betekent niet dat ze in een wettelijke boek opgenomen moeten worden als ‘verbod’. Bijvoorbeeld: een moslim is verplicht om te bidden, maar dat is nog steeds een verplichting tussen hem en God. De staat kan geen wet aannemen waarin de wetgeving moslims verplicht stelt om te bidden. Dit geldt ook voor het vasten. Je kan geen wet indienen die moslims verplicht stelt om te vasten. Wel kan je een wet maken die moslims verbiedt om overdag tijdens de ramadan in het openbaar te mogen eten.

De consensus bij de islamitische geleerden is dat wanneer iets dat halal (toegestaan) is zou leiden tot onrust (fitna) of omdat het niet zou passen in de cultuur waar je je bevindt, dan wordt er aangeraden dat je het niet moet doen. Binnen de vier wetscholen van de islam lezen we in verschillende literaturen dat de stichters van deze wetscholen vermeld hebben dat indien je je begeeft in een ander land waar ze een andere wetschool volgen dan dien je bepaalde gebruiken aan te passen die je van je eigen wetschool gewend bent naar de wetten van de wetschool van het land waar je je bevindt.

Dit geldt ook voor het strafsysteem. De mogelijkheden daarin zijn open om die aan te passen naar gelang de omstandigheden en de mentaliteit van het land waar je op dat moment bent. Een beschaafd persoon van deze tijd zal niet meer straffen zoals men vroeger heeft gestraft. Ook al wil je nog steeds de doodstraf invoeren, dan kan het nog steeds op een humane manier en niet zoals men dat vroeger deed. In hoofdstuk ‘De Tafel’ in de Koran vermeld God het volgende:

“De vergelding van hen die tegen God en Zijn gezant oorlog voeren en erop uit trekken om op de aarde verderf te zaaien zal zijn, dat zij ter dood gebracht zullen worden, of gekruisigd, of dat hun handen en hun voeten aan tegenovergestelde kanten worden afgehouwen, of dat zij uit het land verbannen worden. Dat is voor hen een schande in het tegenwoordige leven en in het hiernamaals is er voor hen een geweldige bestraffing.” (Koran 5: 33).

Deze manieren van straffen die in de Koran worden vermeld waren gebruikelijk en werden standaard wereldwijd uitgevoerd. Vandaag de dag worden ze niet niet toegepast omdat ze simpelweg niet bij deze tijd passen.

Het kalifaat

Mensen moeten niet snel conclusies trekken en dingen gaan schreeuwen waar ze zelf weinig van afweten. Vandaag de dag heb je veel moslims die hunkeren naar een ‘kalifaat’ (sharia-staat), maar feitelijk zelf niet eens weten waar ze het over hebben. Ze zijn overtuigd van hun zaak, maar tegelijkertijd veel te naïef. In veel islamitische derde wereldlanden zoals in Afghanistan, Somalië en andere landen waar ze zogenaamd de ‘sharia’ hebben ingevoerd, merk je al gauw hoe ze daar te werk gaan en wat zij onder ‘sharia’ verstaan. De gevolgen is dat ze een systeem invoeren die gebaseerd is op gebrek aan kennis en ontwikkeling op het gebied van islamitische jurisprudentie. Wat veel heerst bij die sharia-roeptoeters behalve hun naïviteit is dat ze erg zwart/ wit en simplistisch denken. Zelfs hun geleerden denken nog op een conservatieve manier. Het ontbreekt bij ze aan diepgang op het gebied van islamitische jurisprudentie en hebben daarin weinig idjtihad ingevoerd. Idjtihad betekent het ontwikkelen of/en maken van jurisprudentiële uitspraken en/of ideeën binnen de wetenschap van de islamitische jurisprudentie. Veel imams van het heden interpreteren alles te simplistisch en oppervlakkig. In combinatie met hun harde mentaliteit van het land waar ze vandaan komen, gedragen ze zich snel barbaars en dat allemaal onder het mom van de islam. Niet alleen straffen ze nog steeds met steniging, maar ook zetten ze mensen tot slaven en staan ze het huwen met zeer minderjarige meisjes toe. Een man van zeventig die met een meisje van dertien jaar huwt is in die culturen geen uitzondering. En dat allemaal onder het mom van ‘islam’. Daarom ben ik van mening dat moslims gezien de omstandigheden waarin ze in het heden leven die op zijn zachts gezegd onbeschaafd zijn, nog veel ontwikkelingen door moeten maken om de islam op een correcte wijze toe te kunnen passen. Als we om ons heen kijken en eerlijk zouden oordelen over de toestand van de islamitische wereld, dan weet je al gauw dat die toestand zeer belabberd is. Moslims lopen nog flink achter op allerlei gebieden: militair, maatschappelijk, psychologisch en economisch. Ze zijn afhankelijk van het Westen en hebben niet eens een eigen technologie ontwikkeld om zelfstandig olie uit de grond te winnen. Zelfs olie die ze uit de grond halen wordt gehaald door Westerse technologie die aangeboden wordt door Westerse landen inclusief de ingenieurs die dat uitvoeren. Doordat de moslims van het heden dus nog niet genoeg ontwikkeld zijn, lopen ze ook achter op het gebied van hun geloof. De idjtihad is eeuwen geleden gestopt. Het kan niet zo zijn dat indien moslims oprecht waren en hun geloof zouden volgen zoals het hoort dat God hen zou vernederen op de manier zoals het nu gaat. God vermeld in de Koran: ‘God verandert het toestand van een volk niet totdat ze zichzelf veranderen’. Ook heeft Hij vermeld: ‘Als jullie God overwinning geven, dan zal Hij jullie overwinning geven…’. Het lukt moslims niet eens om lokaal iets met elkaar te bereiken, laat staan dat ze een land kunnen sturen. Daarom is voor mij het gedrag van moslims op lokaalniveau een graadmeter om te weten hoe ze zich functioneren en of ze überhaupt in staat zijn om landelijk te kunnen besturen. Als een vader of moeder niet eens in staat is om zijn of haar kroost juist op te voeden en bij elkaar te houden, dan is hij ook niet in staat om een gemeenschap bij elkaar te houden. Als ik lees in de krant dat een moskee wekenlang afgesloten is vanwege de ruzie in het bestuur, dan is dat voor mij een teken dat menig moslims niet rijp zijn om bestuurlijke functies te krijgen. Ik kan me daarom irriteren aan die sharia-schreeuwers van Hizb-U-Tahrir die dagelijks met niets bezig zijn behalve zich te concentreren op het verwezenlijken van het kalifaat. Ze kijken er naar uit om de top te bereiken terwijl de fundamenten van het gebouw enkel uit losse zand met weinig cement (inhoud) bestaat.

Op gezag van de metgezel Thawbaan overleverde hij het volgende: De profeet zei: ‘Andere naties staan op het punt om jullie aan te vallen zoals een groep hongerige mannen een bord vol eten aanvallen.’. Een van de aanwezigen vroeg de profeet: ‘Oh boodschapper van God, komt het omdat we dan in de minderheid zijn? ‘. De profeet antwoordde: ‘Welnee, jullie zullen met zijn velen zijn! Maar jullie zullen lijken op schuim en afval dat doelloos op water drijft. God zal vrees en respect uit de boezem van jullie vijand voor jullie wegnemen en tegelijkertijd zal God al-wahn in jullie harten zaaien.’ Iemand vroeg: ‘En wat betekent al-wahn gezant van God?’. De profeet antwoordde: ‘hechten aan het wereldse leven en de dood verafschuwen.’

Deze overlevering die je gerust mag beschouwen als een voorspelling van de profeet vrede zij met hem klopt als een bus. De moslims van het heden zijn niet sterk genoeg. De Profeet beschreef hen in het Arabisch als ghuthaa’. Het woord betekent ‘afval’ en allerlei resten die op het water drijven. De reden dat hij de moslims van de toekomst (wij dus van het heden) daarmee vergeleek is omdat al het afval dat op het water drijft doelloos drijft. Het drijft mee met het water en heeft zelf geen eigen richting. Het getuigt ook niet bepaald van kwaliteit al zijn de moslims qua kwantiteit met zijn velen zoals de overlevering in het begin dat beschrijft. Maar inhoudelijk stellen de moslims van het heden weinig voor. Andere naties zoals de NAVO-landen bijvoorbeeld vallen moslimlanden aan, hetzij militaire of economisch. De profeet vergeleek andere naties met hongerige mannen die een bord vol eten aanvallen. Dit klopt ook als een bus. De moslims hebben olie en veel grondstoffen waar Westerse landen deels afhankelijk van zijn en gretig willen hebben. De olie van de Arabieren is als voedsel voor o.a. de Westerse wereld. De VS heeft de Arabische dictaturen in haar greep en hebben geen vrees voor de moslims, want waarom zouden ze? In tegenstelling tot de NAVO-landen die militaire, technologisch, wetenschappelijk en economisch veel sterker zijn, stellen de moslimlanden weinig voor. Daarom doet het Westen wat het wil en hebben de Westerse corporaties, bedrijven en banken et cetera alle touwtjes in handen. De moslimlanden kunnen niet eens de rente van de schuld betalen aan het IMF, laat staan de schuld zelf.

Maar wat is het probleem eigenlijk? De oorzaak heeft de profeet genoemd, namelijk: het materialisme. Moslims van het heden hechten zich veel aan het materialisme. Niet dat een Westerling niet materialistisch is, maar de gemiddelde Westerling ziet ten minste hedonisme en materialisme als zijn ‘god’ en gelooft daarin (niet allemaal natuurlijk). In combinatie met het humanisme waarin de gemiddelde Westerling gelooft, heeft hij daardoor een evenwicht kunnen behouden waardoor hij weet zichzelf te ontwikkelen en achter bepaalde principes te staan. De gemiddelde moslim heeft één been hier en de andere been daar. Aan de ene kant voelt hij zich islamitisch, maar aan de andere kant is hij ook weer materialistisch en dat brengt hem in de war waardoor hij zijn evenwicht verliest en ook geen duidelijke beslissingen kan nemen. Het ontbreekt bij de gemiddelde moslim aan zelfvertrouwen, gelovigheid (al-iemaan), bewustwording en levensbesef waardoor hij volledig in de war is geraakt. Zelfs het gevoel van humaniteit wil weleens ontbreken bij menig moslims. Het gevolg is dat ze onderling elkaar niet eens kunnen verdragen en ook elkaar niet vertrouwen. Theoretisch hebben moslims hun monden vol over de zogeheten islamitische ummah (moslimgemeenschap), maar in de praktijk zijn ze alles behalve homogeen. Zonder te overdrijven durf ik te zeggen dat juist de moslims onderling zijn het meest verdeeld vergeleken met andere gemeenschappen. Westerse landen zijn in staat geweest zich te verenigen op zowel militaire als op economisch gebied. Al gaat het niet zo goed nu met de Euro, maar ze waren ten minste wel in staat om zich te verenigen als één Europa en samen te kunnen werken met de Verenigde Staten. Ook zijn ze in staat geweest om zich militaire te verenigen als NAVO-landen. Als het om hun belangen gaat grijpen ze direct in en stellen ze die veilig. Al deze dingen bij elkaar kan ik niet zeggen van de moslimlanden. Die zijn tot het bot verdeeld. Zijn ze niet verdeeld, dan werken ze niet samen. Werken ze wel samen dan is dat meestal symbolisch en stelt dat tien keer van de tien keer (nee ik heb het niet verkeerd getypt) niets voor. Als het Westen niets doet, dan zullen ze niet eens in staat zijn onderling af te spreken om het Syrische volk te bevrijden van de dictatuur van Al-Assad.

Al met al wil ik niet te pessimistisch overkomen. Als we kijken naar de Arabische lente, dan zien we dat er nog hoop is. In Egypte heeft de moslimbroederschap de verkiezingen democratisch gewonnen net als in Tunesië. Iets wat ik een paar dagen vóór de Egyptische en Tunesische revolutie me niet eens kon voorstellen. Er is dus nog hoop.


De utopie

Al het gene wat ik zojuist heb getypt is om moslims te laten beseffen dat ze niet al te veel moeten gaan zitten dromen. Ze kunnen maar beter niet gaan streven naar zaken die te ver zijn van hun bedshow. De prioriteiten dienen te gaan naar dat gene wat ze in het heden onderling kunnen doen. Roeien met de riemen die ze hebben. Zichzelf sociaal ontwikkelen, kennis maken met beschaving in plaats van zichzelf groter maken dan ze zijn en vooral realistisch blijven. Moslims neigen nogal heel utopisch te praten. Ze schrijven over de islamitische staat, over de overwinning van de islam en over het ideaal beeld die ze alsmaar fantaseren en tegelijkertijd maken ze zichzelf wijs dat ze in het midden van dat wereldje zitten. Kijk om je heen, dan zie je dat moslims overal afhankelijk zijn van niet-moslims en ze zijn niet eens in staat om de simpelste zaken onderling te bewerkstelligen. Puur statistisch bekeken, hebben moslims overal, inclusief in Nederland een groot probleem op economisch gebied. Al kan een individu goed geld verdienen, maar dat geldt niet voor de gemeenschap in haar geheel. Ook organisatorisch wankelt het een en ander. In Nederland hebben de moslims niet eens een eigen televisiezender. In Frankrijk wonen er zes miljoen moslims, maar daar hebben ze net als in Nederland ook geen eigen televisiezender en net als Nederland hebben ze ook geen echte vertegenwoordiging. Het bestaat wel, maar het stelt weinig voor. Ook op het gebied van integratie schiet men daarin van alles tekort. Op het gebied van criminaliteit in percentages ligt dat bij moslimjongeren nog te hoog. De blijf-van-mijn-lijf-huizen zitten vol vrouwen van islamitische afkomst en de problemen binnen de privésfeer van een veel islamitische gezinnen worden bedekt met een masker waarmee ze onderling proberen mooi weer te spelen.

Pas als ik zie dat het economisch en maatschappelijk onderling beter gaat en dat moslims in staat zijn goed te kunnen concurreren met niet-moslims en op hetzelfde niveau liggen of op zijn minst in de buurt er van, kan er sprake zijn van een geslaagde gemeenschap. Ook als ze hun denkwijze veranderen. In plaats van zich bezig te houden met een zogeheten ‘sharia-staat’ (gelukkig is dit niet waar de meeste moslims aan denken en ook niet waar ze zich mee bezig houden), dienen ze eerst zichzelf onderling op lokaal niveau te bewijzen. Als ze niet eens onderling over de meest basale dingen kunnen afspreken, dan moeten ze niet gaan grijpen naar het gene wat boven hun pet gaat.

Wat mij ook opvalt, is dat moslims zich veel bezig houden met uiterlijkheden. Ze willen een moskee met een hoog minaret. Ze willen dat er opgeroepen wordt voor het gebed, ze willen islamitische reclameborden zien hangen op de snelweg, miljoenen korans verspreiden (zoals salafisten dat in Duitsland gedaan hebben), pronken met de toeneming van het aantal moslims in het Westen (kwantiteit) et cetera… Allerlei uiterlijke vertoning om voor zichzelf de schijn te houden dat ze heel wat zijn en dat de islam ‘sterk’ aanwezig is in het Westen. Het stellen van prioriteiten is niet de sterkste eigenschap van moslims en dat is wat er ontbreekt op dit moment. Ze houden zich iets te veel met zaken die er minder toedoen en dat baart mij veel zorgen op dit moment.

Moge God de volgers van Mohammed leiden op de weg naar succes en dat ze harmonie in zichzelf vinden om harmonieus onderling en met anderen te kunnen leven. God’s vrede wens ik iedereen toe.

Badr Youyou

Advertenties