Het concept ‘hel en paradijs’. Hoe kijk je er tegen aan en wat is het nut om daarover te oordelen?

God kijkt niet naar jullie lichamen maar naar jullie hartenHet verrichten van goede daden binnen de islam gaat gepaard met een goede intentie. Als de intentie ontbreekt, dan heeft het verrichten van die goede daad minder waarde in de ogen van God. Want, je kan bijvoorbeeld iemand helpen, maar indien je intentie is om stiekem die persoon later voor een eigen belang te gebruiken of je wilt dat doen voor je campagne om zieltjes te winnen, dan verniel je daarmee het idee van ‘goede daden verrichten’ bij God. God is namelijk tegen opschepperij en hoogmoed.

Maar stel dat iemand in zijn leven veel slechte daden heeft verricht en iedereen heeft het er over hoe slecht die persoon bezig is geweest, maar op een dag heeft hij één goede daad verricht wat in de ogen van God een reden is geweest om al zijn voorgaande slechte daden te vergeven waardoor hij dus in de hemel beland…, dan is dit voorbeeld overtuigend genoeg om mensen dus niet in hokjes te plaatsen en vooral niet om over ze te oordelen wat hun lot is in het hiernamaals. Een goed voorbeeld uit een overlevering is de losbandige vrouw waarover de profeet heeft verteld dat ze in het paradijs is beland slechts omdat ze een dorstige hond water gaf.

Stel dat je geen goede daden in dit leven hebt verricht, maar zeker ook geen slechte daden. Dan hebben we hier ook te maken met een geval van een persoon waar alleen God over kan oordelen. Omdat je gewoonweg net als in voorgaand geval niet weet wat de motieven zijn van iemand of welke omstandigheden er waren waarom hij geen goede daden in dit leven heeft verricht, kan je dus niet oordelen wat zijn lot is in het hiernamaals. Alleen de Schepper Zelf weet dus wat de intenties van een persoon zijn.

Wat erg belangrijk is om te weten als moslim zijnde is dat het leven draait vrijwel alleen maar om het verrichten van goede daden ongeacht waarin iemand gelooft. Zelfs de categorie mensen die oprecht niet in God geloven, moeten we niet de conclusie trekken dat zij niet naar het paradijs gaan, want hun omstandigheden en wat zij mee hebben gemaakt om tot de conclusie te komen dat er geen God bestaat weet niemand. Ik geef een simpel voorbeeld: de kerk in het verleden heeft fouten gemaakt die veel generaties daarna heeft laten concluderen dat er geen God bestaat. Ouders die namens het geloof hun kinderen streng en hard hebben aangepakt, discriminatie tussen de seksen, besnijdenis wat bij veel christenen tot woede heeft geleid tot aan een soort trauma’s, seksueel misbruik (pedofilie), bekrompen redeneringen et cetera, hebben mensen geleid dat ze niet meer in een God willen geloven. Deels heeft het ook te maken met het feit dat sommige religies aan God een menselijke gedaante hebben gegeven (antropomorfisme) wat indruist tegen het alomvattende concept van het ‘beeld’ wat bij een ‘Schepper’ hoort. Hierdoor weigeren dus sommigen te geloven in ‘God’. Er zijn zat atheïsten die een goed hart hebben, goede daden verrichten, maar simpelweg oprecht moeite hebben met het idee van een god. Wat ik hiermee dus wil zeggen is dat God naar de intenties en de omstandigheden waarin mensen zijn opgegroeid kijkt. En dat het aller belangrijkste waar mensen waarde aan moeten hechten is vooral hoe ze met elkaar omgaan. Elke moslim weet dat de islam het veel heeft over ethiek (khuluq). De profeet Mohammed vrede zij met hem zei: ‘ik ben slechts gestuurd om het nobele karakter (ethiek) te vervullen’. Hoe we dus naar elkaar handelen en die kunnen alleen goed zijn door het aantal goede daden die wij verrichten, bepalen sterk ons lot in het hiernamaals. Er is niemand die dat beter heeft kunnen omschrijven dan God Zelf. In de Koran lezen we het volgende:

“62 Zij die geloven, zij die het jodendom aanhangen, de christenen en de sabiërs die in God en de laatste dag geloven en die deugdelijk handelen, voor hen is hun loon bij hun Heer en zij hebben niets te vrezen noch zullen zij bedroefd zijn.” (Koran 2: 62)

Dit vers heeft veel Koran exegesen verward. Sommigen zeiden dat het zou ‘vervangen’ (mansoekh) zijn geweest door een andere vers, maar omdat die mening weer werd weerlegd door andere exegesen, zei men dat het hier om joden, christenen en sabiërs gaat die vóór de komst van de islam hebben geleefd. Maar ook voor deze interpretatie is er geen enkel bewijs. Wat we wel weten is dat alle verzen van de Koran worden niet ‘vervangen’ of als ‘ongeldig’ worden verklaard. Elk vers heeft een specifieke betekenis en is toepasselijk voor bepaalde situaties naar gelang de omstandigheden (tijd, plaats, tradities en cultuur gewoontes…). Een van de beste en juiste interpretaties waar veel geleerden zich bij thuis voelen, is dat het vers spreekt over het algemeen en niet over een specifieke tijd of gebeurtenis. In het Arabisch noemt men dat (`omoem allafth عموم اللفظ) en dus niet over een ‘specifiek geval of reden’ wat heet (khosous assabab خصوص السبب). Dit betekent dat het hier om alle joden, christenen en sabiërs gaat ongeacht uit welke era ze vandaan komen.

Dit is ook de meest logische verklaring, want wat lees je verder in het vers? Namelijk: ‘en die deugdelijke handelen’. Dit betekent: mensen die goede daden verrichten. Dit is dus ethiek. Dat is waar het volgens de islam omdraait. God heeft er niets aan als je Hem de hele dag thuis of in de moskee aanbidt, maar tegelijkertijd weerhield dat gebed jou niet om te liegen, mensen te bestelen of onrecht te plegen. Al vast je buiten de ramadan het hele jaar door, maar als dat vasten je ook niet weerhoudt om onrecht te plegen, dan heeft het in God’s ‘ogen’ weinig waarde. Kortom: jouw handelingen en daden die je in je leven verricht die gekoppeld zijn aan jouw intenties bepalen je lot in het hiernamaals.

Daarom zal God niet alleen naar waar iemand in gelooft kijken. Gelovig of atheïst is niet Zijn eerste ‘zorg’, maar Zijn zorg is hoe mensen met elkaar omgaan en wat hun aandeel is in het aardse leven. De Schepper vermeld in de Koran:

“32 Derhalve hebben Wij aan de Israëlieten voorgeschreven dat wie iemand doodt, anders dan voor doodslag of wegens verderf zaaien op de aarde, is alsof hij de mensen gezamenlijk heeft gedood en dat wie iemand laat leven is alsof hij de mensen gezamenlijk heeft laten leven.” (Koran 5: 32)

Een gelovige moslim die dit vers uit de Koran leest weet dat God niet overdrijft als Hij zegt dat het redden van één mensenleven is in God’s ogen alsof je de hele mensheid hebt gered. Dit vers drukt zeer goed uit hoe groot het belang is om goede daden te verrichten in de ogen van de Schepper. Voor God heeft dit meer waarde dan slechts bidden of korans uitdelen of zelfs naar de hadj gaan. De Koran  bestaat uit bomvol verzen die gaan over het ‘verrichten van goede daden’.

God is geen ‘Wezen’ die er op kickt om aanbeden te worden alsof Hij daar behoefte aan heeft of Zich getriomfeerd zou voelen. Wij kunnen Hem niet ‘blijer’ of ‘bozer’ maken. (Al zijn er tig koranverzen en overleveringen waarin die eigenschappen beschreven worden, maar het zijn allemaal metaforen. Alleen salafisten geloven dat je ze letterlijk moet nemen).

Dit is de reden ook waarom het leven op aarde wordt beschouwd als een ‘beproeving’. Het is slechts een test waarin het hoogste doel wat mensen onderling moeten bereiken rechtvaardigheid, harmonie en vrede is en aan de hand daarvan zal God ieder persoon apart beoordelen.

Badr Youyou

Advertenties