Hoe kijkt de islam naar ‘bezittingen’?

koran 34_37“37 Jullie bezittingen, noch jullie kinderen zijn het die jullie nader tot Ons zullen brengen, behalve dan als iemand gelooft en deugdelijk handelt” (Koran 34: 37)

Wat zijn ‘bezittingen’ en ‘kinderen’? Deze twee vallen allebei onder: materie, lusten en verlangens. Een huis willen hebben, een iPad, smartphone, auto, juwelen, geld…et cetera, zijn allemaal bezittingen. Ook de grote droom en de wens van velen om graag te trouwen en kinderen te krijgen is bij velen een ultieme wens waar ze naar streven (voornamelijk vrouwen?). Deze dingen houden onze gedachten meestal te sterk bezig en leiden ons af van het gene waar het voor een moslim echt omdraait, namelijk wat God daarna zegt. Hij heeft twee dingen genoemd en dat is ‘iemand die gelooft’ wat je gerust kan interpreteren als ‘vroomheid’ of ‘godsvrees’ en het tweede: ‘deugdelijk handelen’.

Godsvrees betekent dat je leeft alsof God op je gedrag let. Met andere woorden: er is niets wat je zegt of doet en Hij weet ervan. Dat houdt in dat jij dus zelf op je gedrag moet letten: anderen geen onrecht aandoet, je houdt je af van alles wat naar het kwade leidt en wat anderen beschadigt. Dit alles resulteert zich in dat tweede aspect namelijk: ‘deugdelijk handelen’.

Wat is het doel hiervan allemaal? Het bereiken van vrede en harmonie. Anders waar is ‘deugdelijk handelen’ voor bedoelt?

Zie, de islam is heel simpel: vermijd het slechte en moedig het goede aan. In tegenstelling tot wat velen je willen wijs maken, zeg ik je dat je je door niemand moet laten leiden. Dus ook niet door geestelijken. God heeft jou een vermogen gegeven om intuïtief wat je dagelijks meemaakt zelf te kunnen beoordelen. Dat is je fitrah. Ik ben er niet tegen dat je raad moet plegen en bij diegenen moet zijn die kennis hebben van zaken, maar uiteindelijk ben jij diegene die handelt en niet hen. Maar je moet vooral je sterk kunnen rekenen op je fitrah. Volg daarom het volgende advies van de profeet:

Wabisah ibn Ma`bad heeft gezegd:

“Ik kwam bij de Profeet waarop hij mij vroeg: “Ben je gekomen om te vragen over goedheid?” Ik zei: “Ja.” Hij zei: “Raadpleeg je hart. Goedheid is datgene waarbij jouw ziel en jouw hart zich gerust voelen en de zonde is datgene wat onrust in jezelf opwekt en wat in je borst stokt, zelfs al hebben de mensen jou (hierover) een uitspraak gedaan en dit nog eens doen.”

(Overgeleverd in de twee Moesnads van Imam Ahmad en Ad-Daarimi met een goede keten van overleveraars.)

Badr Youyou

Advertenties